Saksische II (Bouwtype Staatsbahn)

Uit 3rail Wiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Saksische II
Sächsische II (Type Staatsbahn)
Spoorwegmij's K.Sächs.Sts.E.B.
Bedrijfsnummers vanaf 1854: namen
1858: ÖS <200, WS >200
1892: 601 - 675
1900: > 2000
Fabrikanten Sächsische Maschinenfabrik
Aantal gebouwd 90 stuks
Bouwjaren 1854–1868
Uitdienst 1882–1914
Asvorm 1 B
Wiel diameters Drijfwielen: Ø 152,5 cm
Voorloop: Ø 99 cm / 91,6 cm / 101,6 cm
Lengte loc .. mm
Keteldruk 7 kg/cm²
Verdampingsoppervlak 81,2 m² – 100,7 m²
Dienstgewicht 28,9 - 33,9 t
Max.snelheid 50 km/h
Aantal cylinders 2
Remmen Stoom/blokrem

Stoomlocomotief Saksische II

De Saksische II (Bouwtype Staatsbahn) stoomlocomotieven van de Königlich Sächsische Staatseisenbahnen (K.Sächs.Sts.E.B.) waren sleeptender stoomlocomotieven die ingezet werden voor zowel het goederentransport als voor passagierstreinen.

Ontwikkeling en Bedrijf

De Saksische II locomotieven waren 2-voudig gekoppelde locomotieven, gebouwd door fabrikant Hartmann voor Saksisch-Beierse en Niedererzgebirgische Staatsbahn. De eerste locomotieven werden in 1854/1855 gebouwd. De locomotieven werden gebouwd voor de spoorwegmaatschappij Chemnitz-Würschnitzer, die in 1882 werd overgenomen door de Saksische staatsspoorwegen. Ook werden locomotieven van dit type geleverd aan de volgende spoorwegondernemingen:

  • de Saksische-Boheemse Staatsbahn
  • de Saksische-Silezische Staatsbahn
  • de Zittau-Reichenberger Spoorwegen
  • de Löbau-Zittauer Spoorwegen
  • de Westliche Staatsbahn und
  • de Östliche Staatsbahn.

Op 1 januari 1859, ontstond uit de Saksisch Boheemse Staatsbahn, de Saksisch Oostelijke Staatsspoorwegen en vuit de Saksisch-Silezische Staatspoorweg de Saksische Westelijke Staatspoorwegen evenals uit de Saksisch-Beierse Spoorwegen de Niedererzgebirgischen Staatsbahn. Al deze spoorwegen behoorden tot de staat of hadden in opdracht van de directie een staatsspoorweg in gebruik genomen, zodat de aanschaf van locomotieven centraal kon plaatsvinden. In 1868 werden in totaal 90 locomotieven aangekocht, die allemaal door Hartmann in Chemnitz werden gebouwd en technisch relatief weinig verschilden.

Alle locomotieven hadden een ketel met gladde doorlopende bovenrand van de staande en lange ketel. De eerste serie was alleen uitgerust met een ventieldop op de ketel. Allen kregen later een stoomkoepel, die ofwel in het midden van de ketel zat of op het eerste ketelschot dicht achter de schoorsteen. Tot 1863 was de voorpijpwand in het midden van het eerste ketelschot geklonken, later werden locomotieven opnieuw geleverd met gewone rookkamers. Wanneer locomotieven voornamelijk met Boheemse bruinkool zouden worden gestookt, werd de normale schoorsteen vervangen door een vonkenvanger. De locomotieven hadden een binnenframe, dat in de loop van de aanschaf werd gewijzigd en versterkt tot een metalen frame. Alle assen werden stevig in het frame opgeslagen, de veren van de aandrijfassen werden met elkaar verbonden door balanshefbomen. De Saksische II locomotieven hadden buitencilinders en meestal een interne Stephenson-besturing, sommige locomotieven hadden ook een Gonzenbach dubbele schuifbesturing. De remuitrusting verschilde per locomotief. Er waren locomotieven zonder eigen remmen, remmen met stoomslee en remmen met stoomblokkering. De locomotief 265 van de Oostelijke Staatsbahn had een tegenstoom rem. De locomotieven kregen pas vanaf 1864 cabines. De oudere locomotieven die zonder cabine waren geleverd, werden in het midden van de jaren 1860 voorzien van een cabine. De zandbakken, die oorspronkelijk voor de aandrijfas zaten, werden later deels vervangen door een centrale zandbak op het hoekpunt van de ketel.

De locomotieven werden voorzien van namen. Vanaf 1858 werden ook bedrijfsnummers toegekend. De locomotieven bij de Westelijke Staatsbahn kregen bedrijfsnummers onder 200, bij de Oostelijke Staatsbahn boven de 200. De locomotieven welke aan prive ondernemingen waren geleverd kregen onafhankelijke bedrijfsnummers. De fusie met de Koninklijke Saksische Staatsspoorwegen in 1869 veranderde in de eerste plaats niets aan de toegekende bedrijfsnummers. In 1871 werden de locomotieven van de Löbau-Zittau-spoorwegen ook in het bestand van de Saksische Staatsspoorwegen opgenomen. Vanaf 1869 werden de locomotieven als Saksische heringedeeld, waarbij onderscheid werd aangebracht tussen de oudere vanaf 1871 gebouwde locomotieven welke als Saksische H III werden ingedeeld en de nieuwere locomotieven welke als Saksische H IIIb werden ingedeeld.

Vanaf 1885 werden de locomotieven ingedeeld als Saksische H II, maar men was in 1884 reeds gestart met het terzijde stellen van de eerste locomotieven. In 1892 ontvingen 75 van de voorheen 85 locomotieven van de Staatsspoorwegen de bedrijfsnummers 601 t/m 675 en werden de naamborden verwijdert. Vanaf 1896 werden alle locomtieven heringedeeld als Saksische II. Vanaf 1900 werden de bedrijfnummers verhoogd tot het bedrijfsnummer 2000, maar dit betrof slechts ongeveer de helft van de locomotieven. De laatste Saksische II locomotieven werden in 1914 ter zijde gesteld.

De locomotieven van de Zittau-Reichenberger-spoorlijn droegen de bedrijfsnummers 8 t/m 12. Omdat ze tussen 1882 en 1900 al werden vervangen door locomotieven van het type Saksische IIIb, kwamen deze locomotieven in 1905 niet meer in het bestand van de Saksische Staatsspoorwegen.

Waar zijn deze locomotieven nog te zien?

  • Helaas zijn alle exemplaren van de Saksische II verschroot.


Bronnen:Wikipedia: Saksische II (Bauart_Staatsbahn)[1]

Verwijzingen

Intern

Extern

Diverse Stoomlocomotieven Saksische II


Bronnen, Referenties en/of Voetnoten


Modellen

  • Er zijn nog geen H0 modellen bekend van de Saksische II (Bouwtype Staatsbahn)



Stoomlocomotieven: I - I V (BR 55.60) - II - IIa - IIb - III (BR 34.76) - IIIa - IIIb (BR 34.77-78)-(BR 52.70) - IIIb V (BR 34.79) - V (BR 53.82) - Va - V V (BR 53.6-7) - VI - VIa - VIb - VIb V (BR 34.80) - VII (BR 98.71) - VIII 1 - VIII 2 (BR 13.70) - VIII V1 (BR 13.15/13.71) - VIII V2 (BR 36.9-10) - IX V/IX HV(BR 56.5-6) - X H1 (BR 14.3) - X V (BR 14.2) - XI V/XI H/XI HV (BR 57.0-2) - XII H (BR 17.6) - XII HV (BR 17.7) - XII H1 (BR 17.8) - XII H2 (BR 38.2-3) - XIII H (Pr. G 12) - XVIII H (BR 18.0) - XX HV (BR 19.0)
Tender-Stoomlocomotieven: I T - I TV (BR 98.0) - IIb T - IIIb T (BR 98.72) - IV T (BR 71.3) - V T (BR 89.2/89.82) - VII TS (BR 98.70) - VII TOV - VII T - H VIIIb T - XI HT (BR 94.19-21) - XIV HT (BR 75.5) - XV HTV (BR 79) - XVI T - XVI TV - M I TV
Smalspoor locomotieven: I K - II K (oud) - II K (nieuw) - III K - IV K - V K - VI K - Hg VII TK
Vuurloze loc: I F
Treinstellen: Hz 0 - S 1 - E 1 - Dai 1 - DET 1-2
Treinstellen/E-locs smalspoor: I ME - I MET