| Bouwserie SB 629 / kkStB 629 / ČSD 354.1 / ÖBB 77 | |
|---|---|
| Spoorwegmij's | SB kkStB ÖBB ČSD |
| Bedrijfsnummers | SB: 629.01 - 629.15 kkStB: 629.01 – 629.25 BBÖ: 629.01 – 629.25 BBÖ 629.26 – 629.80 BBÖ: 629.101 – 629.115 BBÖ: 629.500 – 629.504 ČSD: 354.101 – 354.1236 JDŽ: 18 001 – 18 005 PKP: OKm11-1–9 ÖBB: 77.01 – 77.285 DR: 77 201-265, 281–285 DR: 77 301–349 |
| Fabrikanten | StEG Wr. Neustadt Krauss/Linz |
| Aantal gebouwd | SB: 15 stuks kkStB: 25 stuks BBÖ: 10 (van kkStB) BBÖ: 15 (van SB) BBÖ: 60 stuks ČSD: 234 stuks JDŽ: 5 stuks PKP: 10 stuks |
| Bouwjaren | 1913–1914 1917–1918 1920–1922 1927–1928 |
| Uitdienst | ÖBB: 1976 |
| Asvorm | 2’C1’ h2t |
| Wiel diameters | Drijfwielen: Ø 161,4 cm Voorloop: Ø 103,4 cm Achterloop: Ø 103,4 cm |
| Lengte loc | 13.345 mm |
| Keteldruk | 13,4 kg/cm2 |
| Verdampingsoppervlak | 129,65 m² |
| Dienstgewicht | 80,2/83,8 t |
| Max.snelheid | 90 km/h |
Stoomlocomotief SB 629
De SB-serie 629 was een reeks stoomlocomotieven voor reizigerstreinen van de Oostenrijkse Südbahngesellschaft. De locomotieven werden later ook gebruikt door de kkStB, BBÖ, ČSD, PKP, ÖBB en andere spoorwegmaatschappijen.
Ontwikkeling en Bedrijf
De serie ontstond uit vijftien locomotieven die tussen 1913 en 1915 voor de Südbahn werden gebouwd als opvolger van de serie 229. Ze waren bedoeld voor reizigerstreinen en lichte sneltreinen.
Ontwerper was Ernst Prossy, in samenwerking met de locomotieffabriek van de StEG in Wenen. Hoewel tijdens proefritten probleemloos 110 km/u werd bereikt, werd de toegestane snelheid op 85 km/u vastgesteld en later verhoogd tot 90 km/u. De locomotieven stonden bekend om hun rustige loop. De goede resultaten overtuigden Karl Gölsdorf om hetzelfde ontwerp voor de Oostenrijkse Staatsspoorwegen (kkStB) te laten bouwen. Tussen 1917 en 1918 werden 25 exemplaren geleverd.
Na de Eerste Wereldoorlog kwamen de meeste locomotieven bij de Oostenrijkse BBÖ terecht. Vanwege de goede ervaringen werden nog eens 55 locomotieven nabesteld. De laatste vijf exemplaren kregen aanvankelijk een Caprotti-klepbesturing, maar werden later omgebouwd naar Lentz-besturing.
ČSD-serie 354.1
Na het uiteenvallen van Oostenrijk-Hongarije kwamen vijftien van de locomotieven in Tsjechoslowakije terecht. De ČSD bouwde het ontwerp verder door. In 1941 waren er 234 locomotieven van de serie 354.1 in dienst. Gedurende de productie werden verbeteringen aangebracht, zoals:
- grotere machinistenhuizen
- elektrische verlichting
- gewijzigde schoorstenen
- aanpassing aan het Tsjechoslowaakse profiel van vrije ruimte.
Bij de Deutsche Reichsbahn
Na de Anschluss van Oostenrijk in 1938 werden de locomotieven opgenomen in de Deutsche Reichsbahn als serie 77.2. Ook 49 Tsjechoslowaakse locomotieven kwamen bij de Reichsbahn terecht en werden ingedeeld als serie 77.3. Ze reden niet alleen in Oostenrijk, maar ook in Beieren, Saksen en Silezië, soms zelfs voor sneltreinen.
ÖBB-serie 77
Na 1945 kwamen de overgebleven Oostenrijkse locomotieven bij de ÖBB terecht en werden zij vernummerd naar de serie 77. Sommige exemplaren bleven in Joegoslavië of Tsjechoslowakije achter.
De locomotieven werden vanaf de jaren 1960 geleidelijk buiten dienst gesteld, maar bleven in Oostenrijk rijden tot het einde van de reguliere stoomtractie. De laatste exemplaren verdwenen pas in 1976.
Bronnen:Wikipedia: SB 629[1]
Waar zijn deze locomotieven nog te zien?
Enkele exemplaren zijn bewaard gebleven, waaronder:
- 629.01 (1913) - rijvaardig, Technisches Museum Wien / Strasshof
- 629.43 / ÖBB 77.28 (1920) - rijvaardig bij ÖGEG in Ampflwang
- 629.65 / ÖBB 77.250 (1927) - rijvaardig bij Eurovapor
- ČSD 354.195 (1925) - rijvaardig in spoorwegmuseum Lužná
Verwijzingen
Intern
Extern
Diverse Stoomlocomotieven CSD 354.1
- Diverse Grootspoor afbeeldingen Stoomlocomotief CSD 354.1 / SB 629 / Rh 77
-
SB 629 / kkStB 629 - Loc 629.01 -
ÖBB Rh 77 - Loc 77.28 -
CSD 354.1 - Loc 354.195
Bronnen, Referenties en/of Voetnoten |
Modellen
Roco H0 modellen
|
|
|
|







