De locomotieven van bouwserie 10 werden na de 2e wereldoorlog gebouwd als eenheidslocomotief en was bedoeld als opvolger van de Bouwserie 01 en 01.10.
Ontwikkeling en Bedrijf
Na de 2e wereldoorlog werd als opvolger van de bouwserie 01 en 01.10 een nieuwe locomotief ontwikkeld van de bouwserie 10. Er werden 2 locomotieven gebouwd door Krupp welke in 1957 werden afgeleverd aan de DB. De locomotieven kwamen echter te laat om verder doorgebouwd te worden tot een grote en belangrijke serie en werden al snel afgevoerd. De serie was gestroomlijnd, waarbij het drijfwerk echter vrij werd gehouden om oververhitting ervan te voorkomen. De locomotieven haalden een snelheid van 140 km/uur.
Locomotief met bedrijfsnummer 10 001 was oorspronkelijk een kolengestookte stoomloc terwijl de 10 002 met stookolie werd gestookt. Later werd de 10 001 eveneens tot oliestook verbouwd. De locomotieven hadden een hoge asdruk van de drijfwielen van 22,4 ton, waardoor het inzetgebied beperkt bleef tot trajecten die daarvoor geschikt waren. De diensten van de bouwserie 10 werden daarom snel overgenomen door de stoomlocomotieven van de Bouwserie 01.10 en de dieselhydraulische locomotieven van bouwserie V200.
Waar zijn deze locomotieven nog te zien?
De 10 002 is gesloopt.
De 10 001 is in het bezit van het Deutsches Dampflokomotiv-Museum te Neuenmarkt.