De locomotieven van de bouwserie V 180, vanaf 1970 ingedeeld als bouwserie 118 bij de Deutsche Reichsbahn en later bij de Deutsche Bundesbahn ingedeeld als bouwserie 228, is een zware hydro-dynamische diesellocomotief gebouwd door de Lokomotivbau Karl Marx Babelsberg uit de voormalige DDR. De locomotieven werden voornemelijk ingezet voor het personenvervoer.
Ontwikkeling en Bedrijf
In 1959 werden door Lokomotivbau Karl Marx (LKM) twee prototypes van de bouwserie V180 geleverd (V 180 001 en V 180 002) met een asindeling B'B' en een Voith dieseldrijfwerk en een besturing van BBC, omdat de DDR nog niet in staat bleek zelf alle onderdelen voor de bouw van een zware diesellocomotief te leveren. De locomotieven werden echter niet door de Deutsche Reichsbahn in dienst genomen en werden in 1965 en 1966 verschroot.
In 1962 werden 2 nieuwe prototypes gebouwd, waarna een kleine seriebouw van 5 locomotieven werd opgestart welke in de periode 1963-1965 werden gebouwd. Deze locomotieven waren voorzien van twee 12 KVD 18/21 A-I motoren met elk een vermogen van 662 kW en afkomstig van de VEB Motorenwerk Johannisthal. In 1964 werd een locomotief met een as-indeling C’C’ ontwikkeld en gebouwd voor inzet op de zijlijnen. Er volgde een seriebouw van 205 stuks van deze locomotieven.
Tot aan de introductie van de locomotieven van de Bouwserie V 130, werd de V 180 overwegend ingezet voor het sneltreinverkeer die voorheen door de stoomlocomotieven als de Bouwserie 01, 01.5, 03 en 03.10 gereden werden.
De bouwserie 118.2 t/m 118.8 waren universeel inzetbaar en konden vanwege hun aslast van 15,6 ton ook op de zijlijnen worden ingezet. Omdat er steeds meer behoefte ontstond aan locomotieven die konden voorzien in het verwarmen van rijtuigen, werden de locomotieven van de bouwserie 118 minder vaak ingezet. Het oorspronkelijke plan om de locomotieven van de bouwserie 118 te moderniseren met onderdelen van de Bouwserie 119 mislukte. Het omgekeerde bleek de praktijk, de onderdelen van de bouwserie 118 werden gebruikt om de locmotieven van de bouwserie 119 weer in bedrijf te krijgen.
Bij de Deutsche Bundesbahn werden de locomotieven in 1995 dan ook ter zijde gesteld.
In 2005 werden enkele locomotieven van deze bouwserie bij de Mitteldeutschen Eisenbahn Gesellschaft (MEG) op het traject Saalfeld/Saale en Bad Lobenstein ingezet.
De laatste bedrijfsvaardige V 180 (de MEG 206) werd in april 2015 ter zijde gesteld en overgedragen aan het Eisenbahnmuseum in Wittenberge.
Waar zijn deze locomotieven nog te zien?
Loc 118 075: staat in het Deutschen Technikmuseum Berlin
Loc 118 118: staat in het Museum Bw Schwerin
Loc 118 119: staat in het Museum Bw Lutherstadt-Wittenberg
Loc 118 141: staat in het Museum Bw Chemnitz-Hilbersdorf
Loc 118 202: staat in het Verkehrsmuseum Dresden, als V 240 001
Loc 118 505: staat in het Museum Bw Arnstadt
Loc 118 578: staat in het Museum Bw Weimar
Loc 118 585: staat bij de ingang van het Betriebsgelände der ITL in Pirna
Loc 118 586: staat in het Museum Bw Staßfurt
Loc 118 617: staat in het Eisenbahnmuseum Tuttlingen
Loc 118 683: staat bij de OSEF e. V. Löbau
Loc 118 692: staat in het Historischer Lokschuppen Wittenberge
Loc 118 731: staat in het Museum Bw Weimar
Loc 118 748: staat in het Historischer Lokschuppen Wittenberge
Loc 118 749: staat in het Museum Bw Arnstadt
Loc 118 770: staat in het Museum Bw Glauchau
Loc 118 776: staat in het Museum Bw Schwarzenberg
Loc 118 782: staat in het Museum Bw Chemnitz-Hilbersdorf
Loc 118 788: staat in het Museum Bw Weimar
Loc 118 802: staat in het Museum Bw Leipzig Süd / DB Museum Halle (Saale)